In het voorjaar van 2024 is in afstemming met de auditcommissie en de gemeenteraad gekozen voor een andere wijze van totstandkoming van de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028. Een ander proces gezien de financiële situatie van onze gemeente. Onder andere ontwikkelingen in het sociaal domein en achterblijvende compensatie in de algemene uitkering van het gemeentefonds voor loon- en prijsmutaties resulteerden in de situatie dat zonder ombuigingsmaatregelen een groot financieel tekort zou ontstaan.
Dit is aanleiding geweest voor het opstellen van de Notitie Naar een sluitende begroting 2025. Een notitie waarin de totstandkoming van de financiële positie is opgenomen alsook de voorstellen van het college om via ombuigingen te komen tot een sluitende begroting 2025.
In deze begroting is het uiteindelijke ombuigingsvoorstel van het college opgenomen. Naar aanleiding van de bespreking in de gemeenteraad van 10 september 2024 heeft het college het eerdere voorstel op een aantal onderdelen aangepast. Het gaat hierbij om het later invoeren van ombuigingsvoorstellen voor de bladkorven en de vermakelijkhedenretributie. In het thans voorliggende voorstel wordt het jaar 2025 gebruikt om te komen tot een definitief voorstel. Dit definitieve voorstel zal worden betrokken bij de beleidscyclus voor het jaar 2026.
Om een sluitende begroting 2025 te behouden stelt het college voor om meer kosten toe te rekenen aan de toeristenbelasting en daarmee het tarief meer te verhogen en wordt voorgesteld de bijdrage aan VNG International te stoppen.
In deze begroting is uiteengezet wat we in 2025 gaan doen om uitvoering te geven aan de strategie 2025-2028. Deels is dat door binnen onze programmatische aanpak activiteiten te koppelen aan de doelen die we hebben gesteld. Dit volgt uit het hoofdstuk in de strategie over de koers die we voor de verschillende thema's hanteren. Deels leggen we binnen de lijnwerkzaamheden accenten in de vorm van focuspunten. Dit ligt in het verlengde van het hoofdstuk in de strategie over het op orde hebben van de basis en het als organisatie in control zijn.
Vervolgens is inzichtelijk gemaakt wat het gaat kosten. Een beperkt deel van de kosten komt voort uit de eerder genoemde activiteiten en focuspunten; voor het belangrijkste deel zitten die kosten in de reguliere uitvoering van onze taken. De financiële mogelijkheden leveren voor 2025 en de opvolgende jaren de nodige begrenzingen op. In deze meerjarenbegroting is dat terug te zien doordat er geen extra budgetvraag is opgenomen en er ombuigingsmaatregelen zijn toegepast. Dit is gedaan via financieel-technische ingrepen, het snijden in personeelskosten, het aframen van budgetten voor de taakuitvoering en het treffen van maatregelen om inkomsten te verhogen.
Zowel het financiële overzicht als de capaciteitsraming zijn per taakveld weergegeven. Deze taakvelden hanteren we verplicht, conform het Besluit Begroting en Verantwoording. De begrotingsprogramma's zijn sinds vorig jaar gelijk getrokken met de programma's die we voor onze programmatische aanpak hanteren. Hierom zijn de taakvelden ondergebracht binnen het best passende programma. Per begrotingsprogramma zijn financiële bijzonderheden op een rij gezet. Door deze opzet geeft deze begroting antwoord op de drie W-vragen: wat willen we bereiken, wat gaan we ervoor doen en wat gaat het kosten.
De activiteiten, zoals beschreven in de thema's en de focuspunten regulier, worden uitgevoerd binnen de bestaande formatie. Deze zijn bij het opstellen getoetst op realisme en haalbaarheid. Eventuele keuzes met betrekking tot het doorvoeren van ombuigingsvoorstellen kunnen leiden tot een andere verdeling binnen de bestaande capaciteitsraming maar niet tot een uitvraag van extra formatie.
Voor het doorbelasten van (interne) kosten aan verschillende taakvelden (kosten toerekenen daar waar ze betrekking op hebben) wordt de verdeling van 2024 aangehouden.